De versterking van de Nieuwstad


Op een luchtfoto en op straatniveau is er een hele vreemde hoek te onderscheiden in de verdedigingswerken van Maastricht: de Nieuwstad.


















Vreemd, omdat er op enkele plaatsen meerdere stadsmuren bijeenkomen in een wirwar van rivierarmen en waterpoorten, zoals bij de pater Vinktoren.

Een oude stadspoort ligt er, de Helpoort, die een tijd lang nergens heen leidde omdat hij binnen een nieuwe ommuring van de vesting kwam te liggen die zelf geen doorgang had.

Een gigantische stadsmuur met rondelen ligt er met wel een grote hoge onafsluitbare poort er midden in. Vreemd, maar ook sprookjesachtig, zo midden tussen de bomen en perken en waterpartijen van het stadspark. 
 







Een kijkje in de geschiedenis van Nieuwstad


De eerste en tweede stadsmuur uit de dertiende en veertiende eeuw, zijn aan de zuidkant van Maastricht te zien. De Jeker stroomt nog netjes voor de Helpoort langs, waar een zwak punt in de verdediging van Maastricht lag. Het gebied voor deze poort was onbeschermd omdat het in Luikse en niet in Maastrichtse handen was. Maastricht had hierdoor buiten de poort geen jurisdictie en kon zo dus ook geen vrij schootsveld garanderen. Verdedigingstechnisch voldeed de Helpoort zelf wel, nieuwe poorten werden immers in grote lijnen naar hetzelfde model gebouwd en pas later uitgebouwd, gemoderniseerd en versterkt. In het gebied was sprake van ongeregeldheden waar de stad vanaf wilde komen.

Door het aanslibben van grond komt de Jeker verder van de poort te liggen. (Enkele tientallen meters.) Volgens Romeins recht, waar in die periode vaak naar terug gegrepen wordt, zijn de tientallen meters aangeslibde grond Maastrichts grondgebied geworden.

In 1456 kan Maastricht een muur bouwen op de nieuwe noordoever van de Jeker. Uit een raadsbesluit uit 1454 blijkt dat de Helpoort overigens al zo ver versmald was dat er amper een man te paard door kon. Er waren dus al moeilijkheden en nu werd de poort afgesloten van het voor de nieuwe muren gelegen gebied. De nieuw opgetrokken verdediging wordt "Het Nieuwe Bolwerk" genoemd. 


Restanten van de muur van "Het Nieuwe Bolwerk" zijn te zien waar de Jeker voor de papiermolen 'Het Ancker' door stroomt, die beter bekend staat als "het Pesthuis". 












Al die tijd gaat het proces van aanslibben gewoon verder en ontstaat opnieuw de situatie dat er stukjes Maastrichts grondgebied voor de muren van de stad ontstaan. Het zijn echter stukken waar de stad niet zo veel mee kan beginnen voor de verdediging. En ondanks protesten van de Maastrichtenaren bouwen bewoners van Sint Pieter huizen in het schootsveld van de stad.

De stad Maastricht neemt nu het recht in eigen hand en annexeert in 1486 een deel van het grondgebied van Sint Pieter. Kort tijd later vlucht een Luikse prinsbisschop, Jan van Horn, naar Maastricht. Hij had het aan de stok met zijn onderdanen. Om zijn gewapend gevolg te kunnen betalen vraagt hij de Maastrichtse (Indiviese) Raad om een lening van vierduizend gulden. Hiervoor zal hij bij een eventueel vertrek uit de stad tweehonderd ruiters achterlaten. Ook verleent hij zijn goedkeuring aan de inbezitneming van het geannexeerde gebied, de zogenaamde Nieuwstad. Een naam die vanaf deze tijd officieel wordt.

In 1516 wordt in de Nieuwstad begonnen met de bouw van het rondeel "Haet ende Nijt" en enige tijd later het rondeel "De Drie Duiven", dat later Vijf Koppen genoemd wordt. De nieuwe naam volgt op de tentoonstelling van de hoofden van de vijf terechtgestelden bij het zogenaamde verraad van 1638, boven op het rondeel. Bijzonder aan de bouw van de twee rondelen is dat ze zijn berekend op het nieuwe vuurgeschut dat in Europa in opmars was. Het zijn vroege voorbeelden van dergelijke vestingwerken in onze contreien: er kon verdedigend vuurgeschut op worden opgesteld.


Het rondeel  'de Vijf Koppen' getekend door Philippe van Gulpen omstreeks het midden van de negentiende eeuw.









De dubbele kazematten van "Haet ende Nijt"  hebben allebei de tand der tijd hebben doorstaan.















Niet alleen de twee rondelen en de door de Poort Waerachtig onderbroken courtine bleven bewaard, maar ook een deel van de aansluitende muur tussen Vijf Koppen en Jekertoren en de waterpoort naast de voormalige Sint-Pieterspoort.


In 1888 wordt in dit stuk muur een poort (de poort Waerachtig) gemaakt om een doorgang te krijgen naar het buiten de muur gelegen Villapark.
















De poort Waerachtig aan de stadszijde gezien.



Een gedicht  ter gelegenheid van de opening van de poort Waerachtig van de hand van Jonkheer Victor de Stuers. "


In achtienhonderd acht en tachtig,
Is deze poort gebouwd, waerachtig,
Vreest God, eert den koning, doet uw plicht,
De Heer bescherme de stad Maastricht.















Deze engel en drager van het stadswapenbeschermt de stad Maastricht , tot op de dag van vandaag.