De Servaasbrug of Aw Brögk
De westoever van de Maas was in 2005 helemaal vernieuwd. Vanaf de kademuur is de Servaasbrug, of "Aw Brögk", goed te bekijken. Tijdens de werkzaamheden kwam hier de "eerste boog" van de 13e eeuwse brug te voorschijn. Nu loopt daar een voetpad onderdoor. De boog is eigenlijk alles wat over is van de Middeleeuwse stenen brug.De Servaasbrug staat nog steeds te boek als de oudste brug van Nederland, maar is in feite een moderne brug in een oud jasje. In 1933 werd de middeleeuwse brug grotendeels afgebroken en in gewapend beton weer opgebouwd. Daarna werd hij gedeeltelijk bekleed met de oude natuursteen. Aan de kant van Wijck is een stalen overspanning, zodat ook scheepvaart mogelijk is bij Hoog Water.
De Maas is een "regenrivier", waardoor het waterpijl sterk kan wisselen. In de droge zomermaanden is de aanvoer van Maaswater gering. Door de lage stroomsnelheid wordt meegevoerd zand, grind en stenen afgezet, waardoor ondiepe plekken ontstaan. Juist die omstandigheden zorgden er voor dat op deze plek, vlak bij de monding van "de Jeker", de rivier vroeger doorwaadbaar was. Dat was al zo, lang voordat Julius Caesar rond het jaar 50 voor Christus deze streek verkende.
De Romeinen bouwden er een houten brug op stenen peilers. Bodemvondsten hebben aangetoond dat de Romeinen hun Maasovergang goed onderhielden.
De brug was de enige vaste oeververbinding in de verre omtrek en was van vitaal belang voor de handel en voor de bevoorrading van de legers. Of de brug na het vertrek van de Romeinen intact bleef, is niet helemaal duidelijk.
In de vroege middeleeuwen is maar een enkele keer melding gemaakt van het bestaan ervan. In 1275 stortte het wrakkige bouwwerk in, juist op het moment dat er een processie passeerde. De brug werd tussen 1280 en 1298 herbouwd in steen, ongeveer honderd meter stroomafwaarts. De laatste boog bleef van hout; een toren hield er de wacht. Het onderhoud bleef een probleem: in 1349 nam de stad driekwart van de kosten over.
Tijdens de Tachtigjarige Oorlog kreeg de Maasbrug het opnieuw zwaar te verduren. Tussen 1683 en 1716 werd de brug ingrijpend gerestaureerd. In 1827 werd het houten brugdeel aan de Wijckerkant vervangen door een boog van steen. Enkele sluitstenen in de bogen herinneren daaraan.
Na 1900 voldeed de lage en smalle middeleeuwse brug niet langer. Industriëlen en middenstanders drongen aan op afbraak, anderen pleitten voor behoud. Het kwam tot een compromis. In 1932 kreeg Maastricht een tweede brug, de Wilhelminabrug of "Nuij Brögk", ten noorden van de oude brug. De oude brug werd grondig gemoderniseerd en kreeg toen de naam "Servaasbrug". In 1946 werd de schade uit de Tweede Wereldoorlog hersteld en werd de brug met 2,5 meter verbreed. Sindsdien is de oude Maasbrug grotendeels ongemoeid gelaten.