Heimo kapiteel
In de omgang van het oostelijke koor van de Onze Lieve Vrouwekerk treffen we twintig kapitelen aan, die de zuilen in de kooromgang van deze kerk bekronen.

Vooral het Heimo kapiteel geniet bekendheid. Het is van uitzonderlijke artistieke kwaliteit, vergelijkbaar met het mooiste uit de twaalfde eeuwse Europese beeldhouwkunst.





Een kapiteel is het versierde bovenstuk van een zuil dat het begin van een ronde boog draagt. In de Middeleeuwen had dit soort beeldhouwwerk op kapitelen en timpanen niet alleen een decoratieve functie. De ongeletterde pelgrim moest deze religieuze voorstellingen gemakkelijk kunnen herkennen en begrijpen.







Er zijn weinig geschreven bronnen over de vroegste bouwgeschiedenis van de Onze Lieve Vrouwekerk bewaard gebleven. Over het beeldhouwwerk in deze kerk weten we zo mogelijk nog minder. Speculaties over de herkomst van dit bijzondere kapiteel en ander Romaans beeldhouwwerk in Maastricht zijn er echter des te meer.






Het bijzondere aan dit kapiteel is de combinatie van de inscriptie "S.MARIA HEIMO" en de gebeeldhouwde voorstelling direct eronder. Op één van de vier zijden van het kapiteel zien we een man, in devotie geknield voor Maria, die hij een versierd kapiteel aanbiedt. Algemeen werd aangenomen dat de afgebeelde man "Heimo", de beeldhouwer van de kapitelen in de Onze Lieve Vrouwekerk is.






Met het kapiteel in de voorstelling zou hij zijn werk opdragen aan Maria, de beschermvrouwe van de kerk. Maar het was in de Middeleeuwen ongebruikelijk om een kunstwerk te signeren. Kunst werd toen gemaakt ter meerdere eer en glorie van God en de kerkelijke gemeenschap. Ook de suggestie dat Heimo de bouwheer of opdrachtgever van de kerk zou zijn geweest, is een theorie.

Wat we met redelijke zekerheid kunnen aannemen, is dat de beeldhouwers van deze kapitelen niet uit Maastricht of omgeving kwamen, maar uit Noord-Italië, de omgeving van Lombardije. Het Romaanse beeldhouwwerk uit de Onze Lieve Vrouwekerk (EN dat van de Sint Servaaskerk) vertoont frappante gelijkenissen met beroemde Italiaanse sculptuur uit die tijd. Ook had Maastricht in de twaalfde eeuw nog geen eigen beeldbouwkundige traditie.

Wie de beeldhouwers ook waren, het lijkt erop dat ze zichzelf hebben vereeuwigd op een kapiteel in de zuidelijke galerij van de westbouw van de Sint Servaaskerk. Op dit kapiteel zien we werklieden afgebeeld die een inscriptie in steen hakken, de Latijnse woorden "operarii" en "lapis", wat vrij vertaald "ambachtslieden" en "steen" betekent.



In de loop der tijd hebben de kapitelen in de Onze Lieve Vrouwekerk veel te lijden gehad, vooral omdat de kerk in de Franse tijd dienst deed als militair magazijn en smederij.

Tijdens een grootscheepse restauratie tussen 1887 en 1917 onder leiding van de Roermondse architect Pierre Cuypers, werden de beschadigde zandstenen kapitelen met gips aangevuld en overgoten met een dikke laag verguldsel. De zwarte kleur van de zuilen is ook een erfenis uit die tijd.