Van Sloun was een begrip in Maastricht

Auteur(s): Emile Theunissen
Redactie: Jac van den Boogard

In 1914 begon de oma van de heer Emile Theunissen  - meisjesnaam Van Sloun -  in de Maastrichtse binnenstad in de  Mariastraat een winkeltje in chemicaliën een aanverwante artikelen. Er werd vooral veel 'rauwe verf' verkocht zoals carbolineum en teerproducten. Dat was logisch want de winkel lag bijkans aan de kade langs het kanaal van Maastricht naar Luik en toentertijd werden de boegen van alle schepen 'getaard'. De producten die daarvoor nodig waren waren in het winkeltje te koop. Maar de eigenares verkocht ook borstels, kwasten enzovoorts. Een van de producten was petroleum. Dat was in de jaren van de Eerste Wereldoorlog volgens de Nederlandse wetgeving een luxe-product. Voeren schepen nu naar België over het kanaal, dan werd door de Nederlandse douane bij Ternaaien de 'petrol' in beslag genomen. De winkelierster kocht op gezette tijd de in beslag genomen petroleum op en verkocht die weer in haar winkeltje.

De zaken liepen goed. In het Interbellum verhuisde de winkel naar de Boschstraat 105. De zaak werd gevestigd in het pand van de voormalige brouwer Marres. Daaronder lagen grote kelders  waar voldoende ruimte was voor de voorraadvaten met chemicaliën en petroleum. Het pand lag direct naast de Sint Matthiaskerk.naast een lijstenmakerij van De Jong (Boschstraat 107) en de bloemenwinkel Van Gilissen. Het gezin van bloemenhandelaar Gilissen telde zeven kinderen die door intimi als de 'zeven geitjes' werden aangeduid.

De winkel van 'Van Sloun' werd een begrip in Maastricht. De zaak groeide aan de Boschstraat uit tot een grossier in chemicaliën en alle mogelijke drogisterijproducten, een groothandel in verfproducten, waspoeders, behangselpapier, borstelwerk en snoepgoed. Medicijnen mochten er ook verkocht worden, zoals jodium, verbandmiddelen en aspirines. Dat alles lag opgeslagen in een enorm magazijn achter het gebouw van de voormalige brouwerij.

Wekelijks werden door het trouwe personeelslid Hugo Paulissen - hij werkte 44 jaar bij van Sloun en fietste elke dag op en neer naar zijn geboortedorp Wolder - de bestellingen opgenomen van kleine kruideniers in de Zuid-Limburgse dorpen. De heer Paulissen reed elke week zijn bestellingen uit naar de dorpswinkels in het Mergelland zoals Gulpen, Reymerstok,  Cadier en Keer en Noorbeek. En hier werden ook 'lichte' medicijnen verkocht zoals 'Akkertjes', een soort aspirine.

Men kon bij Van Sloun aan de Boschstraat ook petroleum halen voor de kachel. Als er eens een strenge winter was, werd de petroleum op rantsoen gesteld tot groot verdriet en woede van de huisvrouwen die meestal aan het eind van de week petroleum kwamen halen. Op zaterdag moest de kachel gestookt worden want er moest water verwarmd worden om de kindertjes van de grote gezinnen die in de Boschstraat en omgeving woonden in de wasteil schoon te boenen. Meer dan vier liter 'petrol' kregen de ijverige huisvrouwen dan niet.
Van Slouns winkel aan de Boschstraat sloot zijn poorten in 1979. 

De dochter van mevrouw van Sloun trouwde in 1940 met de heer Theunissen en vestigde zich metterwoon in een pand van Van Sloun in de Wilhelminasingel.  Hij gaf zijn baan bij de 'Domeinen' op en ging op instigatie van zijn vrouw een opleiding volgen tot drogist. Het vak kon hij in de praktijk leren in de zaak van zijn zwager, Breur, aan de Boschstraat.

In 1954 begon de heer Theunissen zijn  eigen zaak , een drogisterij-parfumerie, in de Kasteel Erensteinstraat in Nazareth. Men sprak niet over de drogisterij van Theunissen, nee ook in de groeiende wijk  Nazareth met veel jonge gezinnen bleef men spreken over 'Schloen', zozeer was de winkel aan de Boschstraat een begrip geworden in Maastricht, net zo'n ingeburgerd begrip als - later - de drogisterij van Camille Henfling in de Muntstraat dat zou worden.

De winkel in de Kasteel Erensteinstraat was een goed geoutilleerde zaak en modern van inrichting. Ze werd geopend op 3 juni 1954 en werd uiteraard naar goed rooms gebruik in die jaren ingewijd door de pastoor. Prominent hing een crucifix aan de wand. Het was overigens nog geen 'zelfbedieningswinkel'. Dat zou pas in de loop van de jaren zestig in gebruik raken.   Zo werd er nog 'losse' soda verkocht en uit een groot vat werd nog met troffel  losse groene zeep verkocht. Omstreeks 1968 werd de winkel verbouwd en gemoderniseerd. Rond 1985  werd de winkel verhuurd aan de heer Frints die circa vijftien jaar lang de drogisterij heeft gedreven. In 2000 werd het pand verkocht en thans  is er een rijwielhandel in gevestigd.

Bekijkt men de foto's van de opening van de zaak in 1954 dan valt op dat er kennelijk veel Zwitsal babyproducten werden verkocht. Gebroederlijk lachen een  zwart popje en een blank popje naast elkaar in een geboortemandje de klanten toe. Men verhuurde ook babyweeg- schalen voor  2,50 gulden per maand. Nazareth was per slot een buurt waarin veel jonge gezinnen woonden en waar veel kinderen geboren werden. Twintig weegschalen had de winkel op voorraad. Die waren geregeld alle twintig in de verhuur. In de winkel stond een personenweegschaal. Geregeld kon men zijn  gewicht controleren, een kleine service van de winkelier aan de clientèle. Later werd de weegschaal vervangen door een automatisch exemplaar, waarin men een dubbeltje (circa 5 eurocent) moest inwerpen.

De foto's van de opening tonen aan dat het assortiment van een doorsnee drogisterij in vijftig jaar totaal veranderd is. Goed lopende producten als behangselpapier, verf, chemicaliën, soda, waspoeders... het wordt niet meer bij de hedendaagse grote drogisterijketens verkocht. Het accent is in de moderne drogisterij veel meer komen te liggen op persoonlijke hygiëne, huid- en bodyverzorging. In de schappen ziet men ouderwetse producten liggen als levertraan met sinaasappel smaak (Sinatran), Pleegzusterbloedwijn (die overigens werd gemaakt bij Haco op de Parallelweg), Medinos tandpasta (met als logo het zwart wit gevlekte hondje) en Ripolinverf. De handzeep 'Vinolia, très chique' was een groot verkoopsucces toentertijd.

Als iemand weet hoezeer het product assortiment in de loop van de jaren is veranderd, is het de heer Emile Theunissen. Hij wilde de winkel van zijn vader in de Kasteel Erensteinstraat niet voortzetten Hij is wel in de branche gebleven. Meer dan een kwart eeuw  was hij winkelmanager bij Etos. Hij leverde de bouwstenen voor dit verhaal.

Verantwoording: onder dankzegging aan de heer E. Theunissen voor de foto's uit zijn collectie het interview d.d. 21 februari 2008.

Terug naar het verhalenoverzicht