De schat van Marais
Auteur(s): Harry DijkstraRedactie: Rob Kamps
Rijwielhandelaar Marait in de Frankenstraat had in de oorlog geld in zijn tuin begraven. Jaren later bleek dat te zijn verdwenen.
"In 1944 woonde ik aan de Frankenstraat. Op 13 september werden wij daar bevrijd door de Amerikanen die op alle ramen gingen letten. Naast ons huis was een bom terechtgekomen. Mijn vader heeft er toen voor gezorgd dat we bij de rijwielzaak Marait, voorheen een kachelzaak, naar binnen konden, de kelder in. De muren onder het huis waren doorgebroken. Er zaten mannen, vrouwen en kinderen bij elkaar. Toen kwamen de Amerikanen. Ter gelegenheid van de bevrijding gaf de heer Marait, die eigenaar van het pand was, ons vijf cent, zo'n vierkant muntstuk. Wij vroegen toen de Amerikanen om sigaretten en kregen een heel pakje! Later kreeg je nog geen sigaret meer voor een gulden, bij wijze van spreken…. Marait vond het prachtig. Zijn terras in de tuin was afgewerkt met straattegels. Twee waren er grijs. Daaronder had hij weckglazen begraven vol met zilvergeld.
In 1984 ontmoette ik in Berg en Terblijt, waar ik inmiddels woonde, een zoon van Marait die daar óók woonde. Het was winter; ik was behoorlijk dik ingepakt, maar hij herkende mij en vroeg "Ben jij Harry Dijkstra?"
"Ja", zei ik en ik herkende Jef Marait, de zoon van de rijwielhandelaar. We haalden veel herinneringen op van vroeger, vertelden en vertelden; we hadden elkaar zo'n veertig jaar niet meer gezien. In 1947 waren we immers naar naar het Schildersplein verhuisd nadat dat herbouwd was na het bombardement.
"Ik weet nog goed dat jouw pa ons geld gaf om sigaretten te kopen!", zei ik.
"O ja?" Toen ik vertelde dat hij dat opgegraven had, werd hij wit!
"Wat zeg je me daar?"
"Ja, jouw vader gaf ons vijf cent voor een pakje sigaretten. Achter in de tuin had hij twee gekleurde tegels….!"
"Weet jij dat heel zeker?"
"Zo zeker als twee keer twee vier is. Ik was erbij en ik zag een wonder; een echte schat!"
"Daar heb ik ál voor gedaan! Ik heb die zelf begraven met mijn pa. Later heb ik dat pand verhuurd en verkocht. Ik heb toen nog met diepwerker, zo'n lepelaar, het hele terras opgegraven om dat geld te zoeken, maar het nooit meer gevonden."
Vermoedelijk had zijn vader dat inmiddels weggenomen en in de zaak geïnvesteerd."
Terug naar het verhalenoverzicht