Café de Oase

Auteur(s): Annemiek Jacobs, Jef Bastiaens
Redactie: Paul Arnold

"Lezend in de verhalen op uw website kwam bij mij de volgende herinnering boven. We woonden tot 1958 (het sterfjaar van mijn vader) op de Brusselsestraat 31 of 33, dat weet ik niet meer. Maar het was in de slagerij met de gouden ossenkop waar de heer Jacobs op uw site over vertelt. Naast ons woonde allereerst de koster van de Sint Servaas, de heer Leseur, die een sigarenwinkel dreef. Daarnaast Boskamp de juwelier en de dames De Groot met hun groentenwinkeltje. Maar dan … dan kwam de Oase. En dan spreek ik over de oude Oase. Vroeger liep de hoek Brusselsestraat-Kommel wat verder door en was er op het hoekje nóg een café, dat van de familie Creusen. De Kommel was te smal om de alsmaar groeiende verkeersstroom door te laten. De straat werd verbreed en de panden op de hoek van de Brusselsestraat werden afgebroken. Later kwam op die hoek de nieuwe Oase, zoals die er nu nog staat. Maar mijn verhaal gaat over de oude Oase.

Elk jaar stond er 'eine cirque' (zoals mijn ampa dat noemde) op de Markt. Circus Bever, Circus Strassburger en misschien nog andere. Maar elk jaar, als het circus er was, kwam er een optocht de Grote Gracht op. Daar kwamen dan de kamelen (drommedarissen?) langzaam aangeschommeld en getooid met een fez. Ze hielden halt bij de Oase en kregen onder flinke belangstelling van de buurt een pilsje aangeboden. Daar zal toch wel iemand foto's van hebben gemaakt? Het beeld van die opgetuigde kamelen en het rumoer erom heen, staat nog altijd in mijn geheugen gegrift. Het zal wel een reclamestunt zijn geweest van het circus én natuurlijk van de uitbater van de Oase."

Met vriendelijke groet,
Annemiek Jacobs


"Wie café 'de Oase' aon z'nne naom kaom"

Uit: 'Mestreechs printebook' van Jef Bastiaens
Deze uit 1926 daterende foto geeft een beeld van de huizen op de hoek van de Kommel en de Brusselsestraat. De hele westwand van de Kommel, inclusief de drie panden aan het begin van de Brusselsestraat, viel begin jaren zestig onder de slopershamer. Ook het prachtige monumentale poortje van het vroegere Kruisherenklooster moest er aan geloven. Nu moet gezegd dat de Kommel een erg smalle straat was, waar het verkeer regelmatig voor problemen zorgde. Voetgangers moesten er altijd op hun 'qui-vive' zijn, want de stoepen waren smal en een ongeluk was zo gebeurd. Daar kan koetsier Starmans van Beiten's limonadefabriek van meepraten. Toen hij op zekere dag met zijn zwaar beladen tweespan de Kommel afreed, brak de disselboom. De paarden stoven uiteen en de onbestuurbaar geworden wagen boorde zich met kracht in de toegangspoort van de Sint Jozefschool, aan de overkant van de straat. Gelukkig bleef het bij materiële schade.
Het hoekpand, ook wel het café van Marres genoemd, werd achtereenvolgens uitgebaat door de kasteleins Vliege, W. Colbers (tot 1938), Jantje Overmeer (tot 1945) en tot slot J. van Golde (tot 1961). Naast het café op de hoek lag de kroeg van Sjo van Deurse, die als legionair in Marokko had gediend. Dat land had veel indruk op Sjo gemaakt, en zo kwam hij op het idee om tijdens de heropening van zijn café in 1948 iets bijzonders te doen. Op die bewuste dag leende hij een kameel uit Klant's dierentuin en liet dat beest onder grote hilariteit van genodigden en omstanders zijn café binnenwandelen. Vanaf dat moment werd het café 'de Oase' genoemd. De grote neonletters boven de deur werden pas enkele jaren later aangebracht.
Noot van de redactie
Een duik in het fotoarchief leverde een aantal foto's op die het verhaal van mevrouw Jacobs en Jef Bastiaens illustreren. Blijkbaar is het oorspronkelijke café Oase, dat samen met zijn buurpanden ten prooi viel aan de verbreding van de Kommel, nog een tijdlang verderop in de Brusselsestraat gevestigd geweest (zie foto hiernaast). Later werd op de hoek van de verbrede Kommel en de Brusselsestraat het nieuwe café Oase gebouwd. Indien er nog iemand beschikt over een foto van de bierdrinkende circuskamelen, houden wij ons aanbevolen.











Terug naar het verhalenoverzicht