Ambtenarenverhalen

Openbaarheid

Auteur(s): Léon Minis
Met medewerking van: André Willems, Erwin Gerardu

Thorbecke had het toch maar goed gezien ten tijde van de vaststelling van de Gemeentewet in 1851 toen besloten werd de raadsvergaderingen in het openbaar te houden: "Openbaarheid is licht, geheimhouding duisternis. Publiek belang, publiek behandeld, trekt belangstelling, onderzoek, kunde en bekwaamheid. Geheimhouding daarentegen kweekt wantrouwen en geeft aan ontevredenheid de gevaarlijkste wapens tegen het bestuur in handen.

Openbaarheid was steeds de schrik aller slechte, de steun aller goede regering. In onze dagen regeert, hoe hoog en ontoegankelijk een bewind zich ook waant, het volksoordeel mede; een macht die men niet weert doch door opklaring tot bondgenoot maakt." Openbaarheid vraagt om de nodige robuustheid van politieke bestuurders en ambtenaren. Wanneer zij hebben gefaald dienen zij dit ruiterlijk te erkennen en hun maatregelen te nemen. Anderzijds vraagt het zelfbeheersing van raadsleden en journalisten om niet op elke slak zout te leggen, om niet al te makkelijk te generaliseren op basis van incidenten. Openbaarheid is dus goed, maar iedereen weet dat in de fase van de beleidsontwikkeling (waarbij je vrij moet kunnen delibereren), bij onderhandelingen (waar niet alle kaarten open op tafel moeten liggen) en in tal van uitvoerende processen (waar de privacy van burgers in het geding is), openbaarheid leidt tot suboptimale besluiten en tot een minder effectief optreden. En aangezien Maastricht uit zijn rijke geschiedenis van tweeduizend jaar moeiteloos een historische parallel kan putten voor elke vorm van afwijkend gedrag die buiten de omwalling van deze stad het volk versteld zou doen staan zijn er dus ook genoeg voorbeelden waarbij de openbaarheid in het geding was.

Bijvoorbeeld wanneer je het niet zo nauw neemt...

Wethouder A.H. Bovy (wethouder van 1946-1949) had vlak na de oorlog Gemeentewerken en brandweer in zijn portefeuille. De Amerikanen hadden een eigen brandweerwagen bij zich, ultramodern. Die stond opgesteld naast de Dominicanenkerk. Op gegeven moment werd burgemeester Michiels van Kessenich door de Amerikanen erop aangesproken dat die brandweerwagen verdwenen was. Michiels sprak erover in het college. "O", zei Bovy, "die brandweerwagen heb ik naar de brandweerkazerne laten rijden. Hij kon soms in verkeerde handen vallen."
Wethouder Bovy kon ook inventief zijn. In de oorlog waren de twee koperen kroonlampen van de synagoge in het stadhuis ondergedoken: één hing in de burgemeesterskamer en één in de hal.

Na de oorlog werden de luchters weer aan de synagoge teruggegeven. Voor de hal moest een nieuwe worden gemaakt, vond men algemeen, men was er erg aan gewend geraakt. Maar geld was er natuurlijk niet.
Toen zei wethouder Bovy: "De hal van het stadhuis is eigenlijk openbaar terrein, op de post van de openbare straatverlichting is nog voldoende budget, dus laat de lamp maar maken!"

Een collega-wethouder in die tijd was J.H. Godfroy, een aannemer, ook KVP. Die had achter zijn huis een loods gebouwd zonder bouwvergunning. De toezichthoudende ambtenaren meldden dit aan Bovy. Die sprak zijn collega er niet over aan, maar nam tijdens de eerstvolgende collegevergadering een grote foto van het bouwsel mee en zette die tegen de telefoon midden op tafel. Vervolgens ging Bovy zitten met een air van "niet vergeten dadelijk bij de rondvraag die illegale loods ter sprake te brengen." Gedurende de hele vergadering hing de kwestie in de lucht. Godfroy was de hele tijd maar afgeleid en kon nauwelijks meer iets zinnigs uitbrengen.

Na afloop van de vergadering nam Bovy de foto weer mee en de volgende vergadering herhaalde het tafereeltje zich weer. Dit geschiedde zo vele malen, zonder dat er over de kwestie werd gesproken. Totdat Godfroy uit eigen beweging een bouwvergunning aanvroeg (en kreeg).

Afb: Kroonluchters in de synagoge


De verhalen:
Ambtenarij in de vierde eeuw na christus:corruptie troef, Brandweerbeeldje: botsingen tussen culturen om kunst, Breur Lemmens: een mythe, De eed, De kunst van het relativeren, Gemeente ambtenaren: historische figuren, Hoort de rode vlag bij het socialisme of bij Maastricht?, Jacques van de Venne: een held, JJ, KK en MM: rituelen, Kerk en staat, Leny Scheyven: rituelen, Maastricht en Oranje, Martin Jammers en het toepassen van regels: rituelen, Nico Kempeners, een mythe, Nieuwjaarsreceptie: rituelen, Philip Houben; een held, Pie Fabry: rituelen, Retorica in de raad, Ronald Stans, een mythe, Taal : beleidsjargon, Taal : communiceren, U of jij?, Zo buiten zo binnen: de bouwvergunning met glacé handschoenen,

Terug naar het verhalenoverzicht