Ambtenarenverhalen

Kerk en staat

Auteur(s): Léon Minis
Met medewerking van: André Willems, Erwin Gerardu

De scheiding van kerk en staat is een verworvenheid die strikter en eerder wordt toegepast als er meer godsdiensten worden aangehangen in een staat. Toen het stadhuis in 1664 werd gebouwd (tijd van de tweeherigheid met twee religies) werd bijvoorbeeld iedere religieuze actie uit het stadhuis geweerd. Maar zodra het grootste deel van de bevolking en de gezagsdragers dezelfde godsdienst aanhangen, dan lijkt het soms moeilijk de schijn op te houden dat er sprake is van scheiding van kerk en staat. Toen Lodewijk XIV in 1673 Maastricht veroverde en de rechten van de Staten-Generaal als hertog van Brabant overnam werd er iedere vrijdag in het stadhuis een mis opgedragen, soms in de hal en meestal in de kapel die was ingericht in de ruimte die nu dienst doet als bodekamer.

Dat het oorspronkelijke Stadskantoor 1 (nu afgebroken om plaats te maken voor Mosae Forum Zuid) na het gereedkomen in 1962 door de deken van Maastricht en de pastoor van de Sint Matthijs met plechtige handelingen werd ingezegend en dat in iedere kantoorkamer een gezegend houten kruisje werd opgehangen, werd indertijd niet als een abnormaal fenomeen gezien. Evenmin dat de secretaresse steeds aan de betreffende pastoor moest doorgeven in welke kerk burgemeester Michiels van Kessenich de komende zondag de mis zou bijwonen. Bij het hoofdaltaar op het priesterkoor werd dan een aparte stoel voor hem neergezet. De eerste rij werd voor de familie gereserveerd (hij had 14 kinderen). Hij kwam klokslag begintijdstip van de mis de kerk binnen en liep met de familie door het middenpad helemaal naar voren. Hij was zelf in het burgemeesterskostuum met sabel en steek. De hele vertoning kreeg nog een extra dimensie omdat Michiels bij iedere stap erg gewichtig met zijn hoofd wiegde om het belang van zijn presentie te accentueren. Op bepaald moment werd hij als eerste met het wierookvat toegezwaaid.
Wanneer burgemeester Michiels van Kessenich zich weer eens opvallend katholiek had gedragen zeiden de ambtenaren vergoelijkend: 'Ach, de katholiciteit löp häöm zien tesse oet.' (De katholiciteit stroomt in golven zijn zakken uit).

Vaker zag je hem de beijweeg (bidweg door de binnenstad van de OLV-basiliek naar de Servaas) volgen. Als iemand hem onderweg een vraag wilde stellen hield hij demonstratief de rozenkrans omhoog. Iedereen begreep toen meteen dat het gesprek met God vóór ging. Soms kon er een korte opmerking van af: 'er is ook een tientje voor jou bij'.

Afb: Burgemeester Michiels met steek


De verhalen:
Ambtenarij in de vierde eeuw na christus:corruptie troef, Brandweerbeeldje: botsingen tussen culturen om kunst, Breur Lemmens: een mythe, De eed, De kunst van het relativeren, Gemeente ambtenaren: historische figuren, Hoort de rode vlag bij het socialisme of bij Maastricht?, Jacques van de Venne: een held, JJ, KK en MM: rituelen, Leny Scheyven: rituelen, Maastricht en Oranje, Martin Jammers en het toepassen van regels: rituelen, Nico Kempeners, een mythe, Nieuwjaarsreceptie: rituelen, Openbaarheid, Philip Houben; een held, Pie Fabry: rituelen, Retorica in de raad, Ronald Stans, een mythe, Taal : beleidsjargon, Taal : communiceren, U of jij?, Zo buiten zo binnen: de bouwvergunning met glacé handschoenen,

Terug naar het verhalenoverzicht