Ambtenarenverhalen

Breur Lemmens: een mythe

Auteur(s): Léon Minis
Met medewerking van: André Willems, Erwin Gerardu

Volgens mij is Breur Lemmens in 1980 bij de gemeente komen werken als all-round technisch medewerker. Hij viel meteen met de neus in de boter qua klussen want de benedenverdieping van het stadhuis werd gerestaureerd. De eerste keer dat ik hem zag was hij een explicatie aan het geven aan enkele elektriciens die toen Oonder 't Stadhoes werkzaam waren. Hij had het over de kwaliteit van de rond 1660 gebruikte hardsteen: "allemaol neet väöl weerd".

Breur Lemmens is in 1937 geboren in de Stokstraat. In de periode dat hij bij de Gemeente Maastricht werkte vertelde hij daar vaak over. Over ruzies, saamhorigheid, grappige en idiote voorvallen.

Het aantal gezinnen dat daar in één huis woonde oversteeg je meest extreme verbeeldingskracht op dat gebied. En de woonomstandigheden waren vaak nog veel erger dan je wildste fantasie. Een gezin dat op de bovenverdieping van zo'n woonkazerne was gehuisvest hield er een geit! De vloer was natuurlijk niet waterdicht met alle ellende van dien. De gemeentelijke organisatie had alleen contact met de Stokstraatbevolking tijdens de verkiezingen. Je had toen nog de stemplicht. Klachten over de woonomstandigheden werden via de voorzitter van het stembureau aan de gemeente doorgespeeld. Dit leidde in de vijftiger jaren tot de restauratie van het Stokstraatkwartier en de herhuisvesting van de bewoners in de Ravelijn. Bij de onthulling van het beeldje van Pieke en Maoke in de Stokstraat enkele jaren geleden citeerde burgemeester Houben nog menige anekdote die afkomstig was van Breur Lemmens die door de burgemeester consequent "Breur vaan de gemeinte" werd genoemd.

Het meest smakelijk kon Breur vertellen over zijn activiteiten als hulpje van de hoeren. Voor ieder kapotje dat hij bij een Amerikaan aanbracht kreeg hij een dollar. Maar dit vertelde de burgemeester toen niet. Hierop hebben jullie tot nu moeten wachten.

"Ach, iech kin d'r e book euver sjrieve", zei hij vaker. Hij was er trots op dat hij bij de gemeente werkte. Ik weet zeker dat hij er bij vriendjes van vroeger over opschepte want die waren allemaal in circuits terecht gekomen waarin men opziet tegen personen met een vast inkomen. Breur was een handige jongen met een dienstbare instelling en een opgewekt karakter. Hij sprak nooit een onvertogen woord, maakte nooit een dubbelzinnige opmerking. Hij was een mooi voorbeeld van de naturel "correcte inborst" van Stokstraatbewoners van toen, die je vaker beschreven ziet.

Afb: Beeldje van Pieke en Maoke in de Stokstraat


De verhalen:
Ambtenarij in de vierde eeuw na christus:corruptie troef, Brandweerbeeldje: botsingen tussen culturen om kunst, De eed, De kunst van het relativeren, Gemeente ambtenaren: historische figuren, Hoort de rode vlag bij het socialisme of bij Maastricht?, Jacques van de Venne: een held, JJ, KK en MM: rituelen, Kerk en staat, Leny Scheyven: rituelen, Maastricht en Oranje, Martin Jammers en het toepassen van regels: rituelen, Nico Kempeners, een mythe, Nieuwjaarsreceptie: rituelen, Openbaarheid, Philip Houben; een held, Pie Fabry: rituelen, Retorica in de raad, Ronald Stans, een mythe, Taal : beleidsjargon, Taal : communiceren, U of jij?, Zo buiten zo binnen: de bouwvergunning met glacé handschoenen,

Terug naar het verhalenoverzicht